Mouton Rotschild is bekend en bemind


Posted On apr 29 2014 by

Mouton-Rothschild staat o.a. bekend om de bijzondere etiketten die zijn ontworpen door bekende kunstenaars. Een foto van de etiketten is te vinden op: http://www.wijnpromotor.nl (Klassieke wijnen).

Hieronder geven we een nadere toelichting…

Léonor Fini mocht het etiket van de jaargang 1952 ontwerpen. 
Léonor Fini werd geboren in Argentinië op 30 augustus 1907. Haar moeder was Italiaanse en haar vader was een Argentijn van Italiaanse afkomst. Op jonge leeftijd ging zij naar Triëst (Italië) met haar moeder. Het verhaal gaat dat zij als ze haar huis verliet altijd vermomd was als een jongen om te voorkomen dat haar vader haar zou ontvoeren.

Opgegroeid in Europa tussen de twee wereldoorlogen bracht haar vroegrijpheid tot uiting en zij werd een persoon met een ongelooflijk sterke wil en intense gevoeligheid. Omdat zij haar eigen regeltjes naleefde – ze had de werken van Freud allemaal gelezen voordat ze 16 jaar oud was – werd zij haast van iedere school gegooid. Na het ontdekken van haar passie voor kunst, studeerde ze kadavers in de mortuaria van Triëst om de anatomie te leren. Een intense nieuwsgierigheid en intelligentie maakte haar los van haar collega’s en zij ging zich steeds meer ophouden in de literaire kringen in Triëst.

Tegen de tijd dat ze naar Parijs verhuisde in 1931, was ze vriendin van Giorgio De Chirico en zijn gevolg. In Parijs werd ze al snel ‘geadopteerd’ door Max Ernst en de surrealistische kunstenaars om hem heen. Ook maakte zij vrienden met Henri Cartier-Bresson en Andre Pierre Mandiargues. (Een foto van Fini naakt in een zwembad, schaambeen geschoren, door Cartier-Bresson bracht een wereldrecordprijs op van $ 305.000 op een veiling in 2007).

Julian Levy, de kunsthandelaar die verantwoordelijk is voor het instellen van de surrealisten naar Amerika, werd haar Amerikaanse vertegenwoordiger en haar werk werd voor het eerst geïntroduceerd in een gezamenlijke show op zijn Madison Avenue galerij met Max Ernst in 1936.

Hoewel ze zelf nooit overwogen had om een surrealistische kunstenares te worden, heeft ze wel deelgenomen aan bijna elke grote surrealisme tentoonstelling. Meer recent werd haar opname in het surrealisme tentoonstelling gemonteerd in 2001 door de prestigieuze Tate Engeland Museum.

Leonor Fini is altijd haar eigen weg gegaan. Als enige internationaal erkende vrouwelijke artiest voor de jaren 1970, die niet was afgestemd op een mannelijke artiest van grotere bekendheid, maakte ze een naam voor zichzelf door puur talent en persoonlijkheid.

Als men haar zou vragen tot welke ‘school’ van de kunst zij zou behoren, of met wie zij vergeleken kan worden; is ze een schilder, een tekenaar, een ontwerper, een feminist, een mysticus, een wellusteling? Haar antwoord zou zijn geweest: “Leonor Fini”.

Op 18 januari 1996 overleed Léonor Fini.

Voor het etiket tekende zij een “zij-ram”. Een mysterieuze ram met een vrouwengezicht. Even mysterieus als zijzelf….

De wijn

Een goede oogst, nogal hard en stug in de Medoc. De wijnen uit de Medoc zijn lang houdbaar, maar met te weinig vlezigheid.

Michael Broadbent omschreef de wijn als volgt:

“Slechts driemaal geproefd in 1967, 1972 en juni 1975, toen hij diep, fijn van smaak, met een zijdeachtig lederen samenstelling was. ***”

De etiketten van Chateau Mouton Rothschild, “1951”

De volgende die het etiket van Chateau Mouton Rothschild mocht sieren was de Hongaar Marcel Vertès. 
Marcel Vertès werd dus in Hongarije geboren op 10 augustus 1895. Na zijn opleiding begon hij als graficus en illustrator te werk in Wenen en hij ging tijdens de Eerste Wereldoorlog naar Parijs.

Hij woonde en werkte in het beroemde Quartier Latin.

Vertès werd al snel een van de belangrijkste kunstenaars van de Parijse scene. Je kan wel zeggen dat hij in de voetsporen trad van Boutet, Forain, Toulouse-Lautrec en anderen. De kunst van Marcel Vertès was op zijn hoogtepunt in de levendige en ietwat wilde decennium van de jaren 1920. Tekeningen van scenes uit het Parijse straatleven, portretten van vrouwen en afbeeldingen van circus en cabaret acts; Vertès draaide zijn hand daar niet voor om. De originele litho’s en tekeningen laten de geest van de jaren 1920 in Parijs zien.

Net als vele andere kunstenaars was ook Vertès ten tijde van de Tweede Wereldoorlog gedwongen om naar de Verenigde Staten te verhuizen. Nadat hij zich in New York had gevestigd werd zijn reputatie als een groot kunstenaar ook bevestigd. Hij zette zijn fijne werk, in het bijzonder op het gebied van de boekillustratie, voort. Tien jaar later keerde hij terug naar zijn geliefde Parijs en bracht de resterende jaren van zijn leven daar door.

Marcel Vertès was een adviseur van de Producenten en decorbouwers van de 1952 Award winnende film Moulin Rouge, over het leven en de tijd van de kunstenaar Henri de Toulouse-Lautrec (1864-1901). Sailant detail: in het echte leven verdiende Marcel zijn collegegeld door het maken van vervalsingen van Lautrec’s werk!

Op 31 oktober 1961 stierf Marcel Vertès.

De wijn

Hele slechte oogst. De druiven waren onrijp en dat gaf dunne en zure wijnen.

Michael Broadbent omschreef de wijn als volgt:

“Groen, stelig, rauw, net drinkbaar. 0 sterren”

De etiketten van Chateau Mouton Rothschild, “1950”

Georges Arnulf was de volgende die het Mouton etiket mocht sieren. 
Georges Arnulf is op 23 maart 1921 geboren in Monte-Carlo (Monaco). Nadat hij het tekenen en ontwerpen aan de Nationale School van Decoratieve Kunsten in Nice had geleerd (hij werd graveerder) ging hij verder studeren in Parijs. Hij won in 1950 een grote prijs (Grand Prix de Rome). Ook kreeg hij de opdracht van Baron Philippe om het etiket van het jaar 1950 te ontwerpen. Dit resulteerde in een perspectief van het ramsymbool.

Hij ontwierp nog meer voor de Baron. Zo ontwierp hij de lay-out en illustraties van een boek met de gedichten van Philippe de Rothschild genaamd “”Eclos à l’aube”.

Arnulf had een bovenmatige interesse in het pré-Columbiaanse.

In 1957 tekende hij een contract als artistiek adviseur verbonden aan het ministerie van Cultuur in Colombia.

Hij is ook verantwoordelijk voor het ontwerp en de uitvoering van de 20 gebrandschilderde ramen voor de koloniale kerk “San Francisco” in Bogotá. 
Ook nam hij de fresco’s van het hotel in Cucuta Tonchalà onderhanden en was direct betrokken bij de restauratie van 200 schilderijen die behoren tot verschillende kerken van Colombia.

Later werd hij artistiek directeur van het bedrijf “Seguros Colombia” en de bank “Banco de Construcciones y Desarrollo”, in Bogotá.

In 1966 keerde hij weer terug naar Frankrijk.

Vervolgens werd hij benoemd tot professor aan de Nationale School voor Decoratieve Kunsten in Nice. Hij bleef daar tot 1968 en daarna kreeg hij een baan als docent “Vormen en Graphics” aan de Faculteit der Vincennes in 1969. 
In zijn nieuwe huis in Thillay openbaarde zich een vreselijke beenmergziekte bij Arnulf. Hij werd daarvoor behandeld in een ziekenhuis. Op 19 november 1996 is hij thuis in Thillay gestorven.

De wijn

Een overvloedige, maar onevenwichtige oogst.

Michael Broadbent omschreef de wijn als volgt:

“Licht van stijl, zacht en fijn in 1956. Verschillend in 1970 en 1972. Recent: diep van kleur; heerlijk boeket; smakelijk en met veel stevigheid. ***”

De etiketten van Chateau Mouton Rothschild, “1949”

Het etiket van Chateau Mouton Rothschild 1949 is ontworpen door André Dignimont. 
André Dignimont werd geboren in Parijs in 1891 en studeerde aanvankelijk aan de Hogeschool Juilly. Daarna ging hij voor enige tijd naar Londen. Bij zijn terugkeer naar Parijs zette hij zijn studie voort aan de Academie Julian.

In zijn vroege carrière concentreerde hij zich voornamelijk op het schilderen en hij exposeerde op de Salon d’Automne, Salon des Independents en de Salon des Tuileries. Echter, hij wendde zich in toenemende mate tot de aquarel-en illustraties onder leiding van Gus Bofa en werd een van de belangrijkste illustratoren.

Léonor Fini mocht het etiket van de jaargang 1952 ontwerpen. 
Léonor Fini werd geboren in Argentinië op 30 augustus 1907. Haar moeder was Italiaanse en haar vader was een Argentijn van Italiaanse afkomst. Op jonge leeftijd ging zij naar Triëst (Italië) met haar moeder. Het verhaal gaat dat zij als ze haar huis verliet altijd vermomd was als een jongen om te voorkomen dat haar vader haar zou ontvoeren. Opgegroeid in Europa tussen de twee wereldoorlogen bracht haar vroegrijpheid tot uiting en zij werd een persoon met een ongelooflijk sterke wil en intense gevoeligheid. Omdat zij haar eigen regeltjes naleefde – ze had de werken van Freud allemaal gelezen voordat ze 16 jaar oud was – werd zij haast van iedere school gegooid. Na het ontdekken van haar passie voor kunst, studeerde ze kadavers in de mortuaria van Triëst om de anatomie te leren. Een intense nieuwsgierigheid en intelligentie maakte haar los van haar collega’s en zij ging zich steeds meer ophouden in de literaire kringen in Triëst.

Tegen de tijd dat ze naar Parijs verhuisde in 1931, was ze vriendin van Giorgio De Chirico en zijn gevolg. In Parijs werd ze al snel ‘geadopteerd’ door Max Ernst en de surrealistische kunstenaars om hem heen. Ook maakte zij vrienden met Henri Cartier-Bresson en Andre Pierre Mandiargues. (Een foto van Fini naakt in een zwembad, schaambeen geschoren, door Cartier-Bresson bracht een wereldrecordprijs op van $ 305.000 op een veiling in 2007). 
Julian Levy, de kunsthandelaar die verantwoordelijk is voor het instellen van de surrealisten naar Amerika, werd haar Amerikaanse vertegenwoordiger en haar werk werd voor het eerst geïntroduceerd in een gezamenlijke show op zijn Madison Avenue galerij met Max Ernst in 1936. 
Hoewel ze zelf nooit overwogen had om een surrealistische kunstenares te worden, heeft ze wel deelgenomen aan bijna elke grote surrealisme tentoonstelling. Meer recent werd haar opname in het surrealisme tentoonstelling gemonteerd in 2001 door de prestigieuze Tate Engeland Museum. 
Leonor Fini is altijd haar eigen weg gegaan. Als enige internationaal erkende vrouwelijke artiest voor de jaren 1970, die niet was afgestemd op een mannelijke artiest van grotere bekendheid, maakte ze een naam voor zichzelf door puur talent en persoonlijkheid. 
Als men haar zou vragen tot welke ‘school’ van de kunst zij zou behoren, of met wie zij vergeleken kan worden; is ze een schilder, een tekenaar, een ontwerper, een feminist, een mysticus, een wellusteling? Haar antwoord zou zijn geweest:“Leonor Fini”. 
Op 18 januari 1996 overleed Léonor Fini. 
Voor het etiket tekende zij een “zij-ram”. Een mysterieuze ram met een vrouwengezicht. Even mysterieus als zijzelf…. 
De wijn 
Een goede oogst, nogal hard en stug in de Medoc. De wijnen uit de Medoc zijn lang houdbaar, maar met te weinig vlezigheid. 
Michael Broadbent omschreef de wijn als volgt:

“Slechts driemaal geproefd in 1967, 1972 en juni 1975, toen hij diep, fijn van smaak, met een zijdeachtig lederen samenstelling was.

De etiketten van Chateau Mouton Rothschild, “1951” 
De volgende die het etiket van Chateau Mouton Rothschild mocht sieren was de Hongaar Marcel Vertès. 
Marcel Vertès werd dus in Hongarije geboren op 10 augustus 1895. Na zijn opleiding begon hij als graficus en illustrator te werk in Wenen en hij ging tijdens de Eerste Wereldoorlog naar Parijs. 
Hij woonde en werkte in het beroemde Quartier Latin. 
Vertès werd al snel een van de belangrijkste kunstenaars van de Parijse scene. Je kan wel zeggen dat hij in de voetsporen trad van Boutet, Forain, Toulouse-Lautrec en anderen. De kunst van Marcel Vertès was op zijn hoogtepunt in de levendige en ietwat wilde decennium van de jaren 1920. Tekeningen van scenes uit het Parijse straatleven, portretten van vrouwen en afbeeldingen van circus en cabaret acts; Vertès draaide zijn hand daar niet voor om. De originele litho’s en tekeningen laten de geest van de jaren 1920 in Parijs zien. 
Net als vele andere kunstenaars was ook Vertès ten tijde van de Tweede Wereldoorlog gedwongen om naar de Verenigde Staten te verhuizen. Nadat hij zich in New York had gevestigd werd zijn reputatie als een groot kunstenaar ook bevestigd. Hij zette zijn fijne werk, in het bijzonder op het gebied van de boekillustratie, voort. Tien jaar later keerde hij terug naar zijn geliefde Parijs en bracht de resterende jaren van zijn leven daar door. 
Marcel Vertès was een adviseur van de Producenten en decorbouwers van de 1952 Award winnende film Moulin Rouge, over het leven en de tijd van de kunstenaar Henri de Toulouse-Lautrec (1864-1901). Sailant detail: in het echte leven verdiende Marcel zijn collegegeld door het maken van vervalsingen van Lautrec’s werk! 
Op 31 oktober 1961 stierf Marcel Vertès. 
De wijn 
Hele slechte oogst. De druiven waren onrijp en dat gaf dunne en zure wijnen. 
Michael Broadbent omschreef de wijn als volgt: 
“Groen, stelig, rauw, net drinkbaar. 0 sterren”

De etiketten van Chateau Mouton Rothschild, “1950” 
Georges Arnulf was de volgende die het Mouton etiket mocht sieren. 
Georges Arnulf is op 23 maart 1921 geboren in Monte-Carlo (Monaco). Nadat hij het tekenen en ontwerpen aan de Nationale School van Decoratieve Kunsten in Nice had geleerd (hij werd graveerder) ging hij verder studeren in Parijs. Hij won in 1950 een grote prijs (Grand Prix de Rome). Ook kreeg hij de opdracht van Baron Philippe om het etiket van het jaar 1950 te ontwerpen. Dit resulteerde in een perspectief van het ramsymbool. 
Hij ontwierp nog meer voor de Baron. Zo ontwierp hij de lay-out en illustraties van een boek met de gedichten van Philippe de Rothschild genaamd “”Eclos à l’aube”. Arnulf had een bovenmatige interesse in het pré-Columbiaanse. 
In 1957 tekende hij een contract als artistiek adviseur verbonden aan het ministerie van Cultuur in Colombia. 
Hij is ook verantwoordelijk voor het ontwerp en de uitvoering van de 20 gebrandschilderde ramen voor de koloniale kerk “San Francisco” in Bogotá. 
Ook nam hij de fresco’s van het hotel in Cucuta Tonchalà onderhanden en was direct betrokken bij de restauratie van 200 schilderijen die behoren tot verschillende kerken van Colombia. 
Later werd hij artistiek directeur van het bedrijf “Seguros Colombia” en de bank “Banco de Construcciones y Desarrollo”, in Bogotá. 
In 1966 keerde hij weer terug naar Frankrijk. 
Vervolgens werd hij benoemd tot professor aan de Nationale School voor Decoratieve Kunsten in Nice. Hij bleef daar tot 1968 en daarna kreeg hij een baan als docent “Vormen en Graphics” aan de Faculteit der Vincennes in 1969. 
In zijn nieuwe huis in Thillay openbaarde zich een vreselijke beenmergziekte bij Arnulf. Hij werd daarvoor behandeld in een ziekenhuis. Op 19 november 1996 is hij thuis in Thillay gestorven. 
De wijn 
Een overvloedige, maar onevenwichtige oogst. 
Michael Broadbent omschreef de wijn als volgt: 
“Licht van stijl, zacht en fijn in 1956. Verschillend in 1970 en 1972. Recent: diep van kleur; heerlijk boeket; smakelijk en met veel stevigheid. ***”

De etiketten van Chateau Mouton Rothschild, “1949” 
Het etiket van Chateau Mouton Rothschild 1949 is ontworpen door André Dignimont. 
André Dignimont werd geboren in Parijs in 1891 en studeerde aanvankelijk aan de Hogeschool Juilly. Daarna ging hij voor enige tijd naar Londen. Bij zijn terugkeer naar Parijs zette hij zijn studie voort aan de Academie Julian. 
In zijn vroege carrière concentreerde hij zich voornamelijk op het schilderen en hij exposeerde op de Salon d’Automne, Salon des Independents en de Salon des Tuileries. Echter, hij wendde zich in toenemende mate tot de aquarel-en illustraties onder leiding van Gus Bofa en werd een van de belangrijkste illustratoren. 
André Dignimont heeft enorm veel werk afgeleverd en dat plaatst hem in de traditie van de unieke Parijse kunstenaars. Zijn liefde voor mooie vrouwen, het caféleven en Parijs zelf biedt een uniek inzicht in de ‘demi-monde’ en hij illustreerde ook meer dan vijftig boeken, velen van de hand van Francis Carco. Hij omarmde de glamoureuze Parijse Haute Couture met zijn mode-illustraties. 
Dignimont exposeerde regelmatig in Galerie Bernier, met een grote tentoonstelling in 1928, en ook bij de Galerie Chapentier. Zijn ontmoetingen met de wereld van theater en film bracht hem geen windeieren en zo mocht hij ontwerpen voor de Parijse Opera en de Comedie Francaise. 
André Dignimont overleed in 1965. 
De wijn 
Michael Broadbent omschreef de wijn als volgt: 
“Een grote wijn. Ik moet bekennen dat ik verrast was toen baron Philippe de Rothschild mij zei dat dit de favoriet was van al zijn ‘spruiten’. Ik had gedacht dat hij de 1945 als eerste zou zetten. Maar ik had niet altijd mijn notities bij me en baron Philippe’s hoge dunk werd korte tijd later bevestigd tijdens een diner op de Bordeaux Club, dat werd aangeboden door Harry Waugh, die tussen haakjes in 1955 de wijn omschreef als ‘zeer diep van kleur, met prachtig, bloemrijk boeket’ en als een verrukkelijke, grote wijn vol fruitigheid en smaak. Verrassend ver zijn tijd vooruit’. Veel van deze 1947-ers en 1949-ers waren zelfs al in het midden van de jaren vijftig zeer smakelijk. Ik proefde de Chateau Mouton Rothschild 1949 voor het eerst in 1963 en sindsdien bij zes gelegenheden; mijn aantekeningen waren hartstochtelijk. Middelmatig van kleur, fijn, rijp; fabelachtig bloemig boeket – een soort tempel van Cabernet Sauvignon; halfdroog, nu ook halfzwaar, zeer smakelijk, een grote delicatesse parend aan rijkheid. Een verrukkelijke wijn, ongelooflijk aantrekkelijk en in volmaakte staat. Onmogelijk zijn eigenschappen onder woorden te brengen, evenmin als men dat kan van de schoonheid van een orchidee of van een pianoconcert van Mozart. *****” 
De etiketten van Chateau Mouton Rothschild, “1948”

Voor het etiket van het jaar 1948 zocht Chateau Mouton Rothschild een vrouwelijke kunstenaar.

Marie Laurencin werd op 31 oktober 1883 geboren en opgevoed door haar ongetrouwde moeder Pauline Laurencin (1861-1913). De naam van haar vader, Alfred Toulet (1839-1905), kreeg zij pas op tweeëntwintigjarige leeftijd te horen. Zij leerde porselein beschilderen bij de fabriek in Sèvres en studeerde in 1903-1904 aan de Académie Humbert, waar zij o.a. Georges Braque, Francis Picabia, André Favory en Georges Lepape ontmoette. In 1907 werden haar werken tentoongesteld op de Salon des Indépendants en bij Clovis Sagot. Pablo Picasso, die zij ontmoette bij de kunsthandelaar Clovis Sagot, stelde haar voor aan Guillaume Apollinaire. Zij leefde met hem vijf jaar samen in de Rue des Martyrs. 
Onder de naam Louise Lalanne publiceerde zij gedichten. 
In die tijd trokken Marie en Apollinaire veel op met Picasso en zijn vriendin Fernande Olivier. Marie Laurencin legde in 1908 en in 1909 dat vast in twee schilderijen met de titel ‘Apollinaire en zijn vrienden’. Laurencin verkocht haar eerste schilderij onder de titel “Groep van kunstenaars” aan Gertrude Stein. Het was het eerste schilderij dat zij ooit verkocht had. Gertrude Stein verkocht het schilderij in juni 1925 voor 10.000 FF aan haar vriendinnen Claribel en Etta Cone. Nu is het te zien in de Cone Collectie van het Baltimore Museum of Art. 
Het schilderij uit 1909, dat ook bekend is onder de titel “Réunion à la campagne”, laat van links naar rechts Gertrude Stein, Fernande Olivier, denkelijk de dichteres Marguerite Gillot, Apollinaire, Picasso, misschien Pauline Laurencine (de moeder van Marie), Maurice Cremnitz en Marie (rechtsvoor) zien. 
In 1912 zou Laurencin het nevenstaande schilderij La poétesse Marguerite Gillot maken. Het schilderij werd op 3 februari 2004 ruim boven de verwachte maximumwaarde geveild bij Christie’s te Londen voor £ 262.850 inclusief veilingkosten. 
In 1911 verkocht zij aan Rolf de Maré het schilderij “Les Jeunes Filles” voor 4000 Francs. Het schilderij zorgde binnen een week voor haar bekendheid en werd in 1966 geschonken aan Moderna Museet te Stockholm. 
Ondanks dat zij geen kubistische werken maakte hing haar werk wel bij de kubisten die deel namen aan de Salon des Indépendants van 1911. In zaal 41 hingen twee schilderijen van haar, n.l. Portret van mejuffrouw Fernande X en Jonge meisjes met de kubisten. Ook in 1912 hing haar werk bij de kubisten op de Salon d’Automne in La Maison Cubiste. 
In juni 1912 kwam er een breuk tussen Laurencin en Apollinaire. Op 22 juni 1914 trouwde Marie Laurencin met de Duitse schilder Baron Otto von Wätjen (1881-1942) en kreeg zij de Duitse nationaliteit. Door het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog vluchtten Marie en Otto naar Spanje, waar zij tot 1919 bleven. Laurencins vooroorlogse werk werd geconfisqueerd en na de oorlog verkocht. 
Tijdens de oorlog kwam Marie in Madrid in aanraking met het dadaisme. Zij werkte met enkele gedichten mee aan het tijdschrift 391 van Francis Picabia. Na een verblijf in Zwitserland en daarna van een jaar in Düsseldorf scheidde het paar, daar Otto een alcoholverslaving had, en kwam Marie in 1920 alleen naar Parijs terug. Later kwam Otto ook naar Parijs terug en werd hij vaak door Marie financieel geholpen. 
Na de Eerste Wereldoorlog legde zij zich toe op ontwerpen voor het theater en boek illustraties. In de herfst van 1923 ontwierp zij het decor, de kostuums en het nevenstaande voordoek voor het ballet ‘Les Biches’ van het Russische Ballet van Serge Diaghilew. 
Behalve schilderen maakte Laurencin vele boekillustraties, etsen, litho’s, decoraties en posters. In de periode 1920-1937 maakte Laurencin haar beste schilderijen. In 1930 werd zij landelijk bekend door een foto van haar samen met de dichteres Anna de Noailles (1876-1933) en de schrijfster Sidonie-Gabrielle Colette (1873-1954) in het tijdschrift Vu onder de kop ‘de drie meest beroemde vrouwen in Frankrijk’. 
Op 2 juni 1954 adopteerde Laurencin officieel Suzanne Moreau, die in 1905 geboren was en al vanaf 1925 voor haar werkte en met haar samenwoonde. Laurencin overleed op 8 juni 1956. Zij werd begraven op de begraafplaats Père-Lachaise te Parijs.

Museum 
In juli 1983 werd in de Japanse plaats Tateshina-Chino, ongeveer 200 km NW van Tokio, het Musée Marie Laurencin geopend door de oprichter Masahiro Takano, die een twaalftal schilderijen van Laurencin bezat. In 1989 werd het museum uitgebreid met een beeldentuin. Samen met een hotel wordt het complex nu Artland genoemd. Het museum bezit meer dan 500 werken van Laurencin, die voor een deel worden tentoongesteld en voor een deel uitgeleend voor exposities.

http://www.wijnpromotor.nl/chateau-mouton-rothschild

Last Updated on: november 9th, 2017 at 2:01 am, by


Written by